Grammatica: persoonlijke voornaamwoorden
werkwoorden met een vast voorzetsel
In deze
les worden drie Nederlandse films besproken, en leest u een artikel over een van
de belangrijkste filmmakers van Nederland; de in 1997 overleden Bert Haanstra.
Ik hoop dat deze les voor u een aanleiding is om weer eens naar de bioscoop te
gaan, of om een video / DVD te huren Van alle teksten zijn weer invuloefeningen
gemaakt. Lees eerst de tekst, zoek de onbekende woorden op in het woordenboek en
maak daarna pas de invuloefening. De schrijfopdracht is duidelijk: schrijf een
recensie van een film die u mij wilt aanraden om te zien. Liefst een film die nu
nog in de bioscopen draait.
Mail de recensie naar: info@nedles.nl
Teksten:
De Poolse bruid
De tweeling
Minoes
over Bert Haanstra
oefeningen
De Poolse bruid - invuloefening 1(voorzetsels en voornaamwoorden)
De Poolse bruid - invuloefening 2(woorden en uitdrukkingen)
De tweeling - invuloefening (voorzetsels en voornaamwoorden)
uitleg
overzicht persoonlijk voornaamwoorden
overzicht van werkwoorden met een vast voorzetsel
Karim Traïdia, Nederland, 1998, 90 min, kleur, Nederlands gesproken, niet Ondertiteld
Henk is een Groningse boer die het moeilijk heeft om in zijn eentje het hoofd boven water te houden op het bedrijf dat hij van zijn ouders heeft geërfd. Ook krijgt hij maar moeilijk leningen en kredieten om zijn bedrijf draaiende te houden. Plotseling rolt er een vrouw zijn leven binnen. Het is Anna, een Poolse, die onder valse voorwendselen naar Nederland is gehaald en in de seksindustrie is beland. Zij wil Henk op de boerderij helpen om zelf haar terugkeer naar Polen te kunnen bekostigen. Ze stelt hierbij alles in het werk om met Henk te communiceren en in zijn leven binnen te dringen. Het zwoegen op het land wordt in deze film prachtig gesymboliseerd door woeste wolkenluchten en vergezichten over kleiakkers. Maar het is bovenal de Groningse bard Ede Staal die in zijn melancholische lied 'Ode aan het Hoge Land' de pracht en kracht van het Groningse land bezingt. De van oorsprong Algerijnse regisseur Traïdia heeft als relatieve buitenstaander een verrassende kijk op de Nederlandse maatschappij. Met de subtiliteit en scherpte van een fileermes legt hij de karakteristieke en zwakke eigenschappen van Nederlanders bloot. Hij concentreert zich hierbij met name op de gezichtsuitdrukkingen en mimiek, die veel belangrijker zijn dan de handelingen en het gesproken woord. Dat hij aan het einde van de film een beetje krampachtig probeert om het verhaal een bepaalde kant op te duwen is hem vergegeven. Hij heeft dan al voldoende respect afgedwongen met zijn subtiele film die begin dit jaar verrassend winnaar was van de Publieksprijs op het Filmfestival van Rotterdam.
Bron: Filmhuis MOVIE W - 'De Wereld' 5 Mei-plein 1, Wageningen, http://www.ddsw.nl/movie-w/poolse.htm
|
Gronings 't Hogelaand t Is de lucht achter Oethoezen, t Binnen de meulens en de moaren, Dat is mien laand, mien Hogelaand... t Is n doevetil, n dörpsstroat, t Is de waait, t is de hoaver, t Is n mooie oavend in maai, De wilde plannen dij ik haar, |
Nederlandse vertaling Het Hogeland Het is de lucht achter Uithuizen het zijn de molens en de meren Dat is mijn land, mijn hogeland het is een duiventil, een dorpsstraat het is de ....., het is de haver, het is een mooie avond in mei De wilde plannen die ik had |
Naar het geweldige gelijknamige boek van Tessa de Loo!
Het ontroerende verhaal over een
tweeling die op jonge leeftijd wordt gescheiden en uit alle macht probeert
elkaar te vinden.
Na de
dood van hun ouders groeien de tweelingzusjes Lotte en Anna Bamberg gescheiden
op. Anna blijft in Duitsland en moet haar hele leven hard werken voor anderen.
Lotte verhuist naar een Nederlandse familie die haar op het eerste gezicht alle
kansen biedt. Aanvankelijk missen de zussen elkaar en proberen ze alles om weer
bij elkaar te zijn. Omstandigheden en de tijd waarin ze leven zorgen echter voor
obstakels die groter zijn dan de band die ze altijd voelen. Anna trouwt met een
SS-officier die aan het einde van de oorlog sneuvelt. Lottes verloofde wordt
vermoord in Auschwitz. Vijftig jaar na hun laatste, pijnlijke ontmoeting
probeert Anna nog één keer in contact te komen met haar tweelingzus.
Bron: www.tessadeloo.nl
telegraaf.nl - Privé - Film 'De Tweeling' ontvangt Gouden Film
AMSTERDAM - De film 'De Tweeling' van regisseur Ben Sombogaart heeft in twee weken tijd meer dan 100.000 bezoekers getrokken. Dit heeft distributeur RCV maandagochtend bekendgemaakt. 'De Tweeling' heeft daarmee een Gouden Film verdiend, een prijs die wordt uitgereikt aan films die meer dan 75.000 bezoekers trekken.
De uitreiking van de Gouden Film is een initiatief van de Nederlandse Federatie voor de Cinematografie (NFC), het Nederlands Filmfonds en het Nederlands Filmfestival. De prijs werd vorige jaar ingevoerd om de Nederlandse film te stimuleren.
'De Tweeling' is de verfilming van het succesvolle boek van schrijfster Tessa de Loo over twee Duitse tweelingzusjes die eind jaren twintig van elkaar worden gescheiden: de een gaat bij haar tante in Nederland leven, de ander blijft bij een oom in Duitsland wonen. Ze zien elkaar nog regelmatig, maar de Tweede Wereldoorlog verbreekt het contact tussen de meisjes, tot ze elkaar vlak voor hun sterven nog eenmaal ontmoeten.
Hoofdrollen in de film worden gespeeld door Thekla Reuten, Ellen Vogel, Jaap Spijkers en Betty Schuurman.
De Tweeling heeft het volgens een woordvoerster van RCV de afgelopen week vooral goed gedaan bij studenten, senioren en gezinnen met kinderen boven de twintig. "De mensen die niet naar blockbusters als Lord of the Rings of Harry Potter wilden, vonden De Tweeling een goed alternatief voor de kerstdagen."
Eerder kregen films als 'Pietje Bell', 'Volle Maan', 'Ja zuster nee zuster', 'Nynke', 'Minoes' en 'Costa!' de onderscheiding al uitgereikt.
Bron: www.telegraaf.nl
Minoes
Kat in een verkeerd lichaam
Harry Potter mag wel uitkijken, want de Nederlandse familiefilm Minoes is een heerlijke film geworden. Vooral Carice van Houten als de poes die in een juffrouw verandert, steelt de show.
De Nederlandse jeugdfilm mag zo langzamerhand wel volwassen genoemd worden. Groeistuipen als schmierende B-acteurs en opgeheven wijsvingers behoren tot het verleden, op een incidentele Kabouter Plop na. Dat blijkt niet alleen uit het feit dat men zware thema's durft aan te snijden in films als Het zakmes, Krassen in het tafelblad en Blazen tot honderd. Juist de serieuze benadering van meer fantastische onderwerpen spreekt boekdelen. De verfilming van Annie M. G. Schmidts 'Minoes' zou vroeger gemakkelijk geresulteerd hebben in een kneuterig niemendalletje, te prullerig voor volwassenen en kinderen onwaardig. In handen van de jonge regisseur Vincent Bal ('Man van staal') wist het sprookjesachtige gegeven een zaal vol filmcritici te raken en vermaken, en dat zegt een hoop. Ongetwijfeld zat het mee dat de film het perspectief kiest van de volwassen kerel Tibbe (Theo Maassen) en zijn vriendin Minoes (Carice van Houten), en niet dat van een kind. Zo wordt in elk geval een van de obstakels omzeild die voor jeugdfilms vaak de weg naar een ouder publiek versperren. Het helpt zeker ook dat Minoes een per ongeluk naar mens getransformeerde kat is: iedereen zal wel iets herkennen van de toch zo menselijke strijd tussen lichaam en geest, die Minoes aangaat zodra ze haar katse geaardheid begint te verliezen. En Tibbe verdient eveneens genoeg sympathie als verlegen komkommerjournalist die het dankzij zijn maatje en haar kattenpersdienst tot dorpsheld schopt.
Laptop
Maar terwijl Tamara Bos' scenario alle ruimte schept voor een geloofwaardige
ontwikkeling van de voornaamste karakters, overtuigt de film in de eerste plaats
als een intelligente, vlotte amusementsfilm die het hart op de juiste plaats
heeft. Dat hart klopt vooral uit bewondering voor Schmidts gedachtegoed, zoveel
is duidelijk. Van de dialoog tot de prachtige decors, het sluit allemaal nauw
aan bij de voor Schmidt zo typische stijl: gezellig, gevat en kleurrijk, maar
zonder spruitjeslucht. Van heiligenverering is evenwel geen sprake. Het alweer
dertig jaar oude boek kon volgens de makers wel wat updates gebruiken. Tibbe
tikt nu op een laptop in plaats van een schrijfmachine, en bliept zijn auto van
afstand op slot. En zinnetjes als "Ik ben een kat in een verkeerd lichaam"
klinken de toeschouwer van de 21e eeuw ook redelijk vertrouwd in de oren. Het
spreekt voor Vincent Bals affiniteit met de sfeer van het verhaal, dat hij de
welhaast verplichte computertrucages tot een minimum beperkt: de scènes waarin
Minoes poezelige acrobatentoeren uithaalt, zijn op vijf vingers te tellen. Eén
ding heeft de film voor op de oorspronkelijke uitgave van Schmidts klassieker.
Niet eens de bekende illustraties van Carl Hollander kunnen de elegant-charmante
en ook wel wat droeve Carice van Houten overtreffen als kattejuffrouw Minoes. Ze
vindt in uiterlijk maar ook gedrag precies de juiste balans tussen dier en mens,
en geeft zo volop dimensie aan haar onwaarschijnlijke personage. Theo Maassen en
de rest van de cast bieden geweldig tegenspel, maar Van Houten steelt toch de
show. Een Gouden Kalf-nominatie zou zeker op zijn plaats zijn. Gelukkig is dat
sinds enige jaren ook voor een jeugdfilm niet meer te veel eer.
Kevin Toma
Minoes
Nederland, 2001
Productie: Burny Bos
Regie: Vincent Bal
Scenario: Tamara Bos
Camera: Walther Vanden Ende
Montage: Peter Alderliesten
Art direction: Vincent de Pater
Muziek: Peter Vermeersch
Met: Carice van Houten, Theo Maassen, Sarah Bannier, Pierre Bokma, Hans Kesting,
Olga Zuiderhoek, Jack Wouterse
Kleur, 90 minuten
Distributie: Warner
Bron: www.filmkrant.nl
Door
onze redacteur HANS BEEREKAMP
Bert Haanstra is voor het publiek heel lang de bekendste Nederlandse
filmregisseur geweest. Hij had alle aspecten van het filmmaken volledig onder
controle. Zijn populairste films waren Fanfare en Alleman.
Een paar jaar geleden was Bert Haanstra voortijdig op weg naar de uitgang van de Utrechtse schouwburg - wegens zijn slechte gezondheid wilde hij bijtijds de slotavond van het Nederlands Filmfestival verlaten. Een paar passen achter hem liep de directeur van dat Filmfestival, Jacques van Heijningen. Hij droeg Haanstra's koffer. Jammer genoeg was er geen fotograaf in de buurt om dit tafereel vast te leggen. In zijn heldere, woordloze beknoptheid zou het in een documentaire van Haanstra niet misstaan hebben: een transparante anekdote, een boutade bijna, die de verhoudingen treffend samenvat: zo is het en zo hoort het.
De gisteren op 81-jarige leeftijd in Hilversum overleden Bert Haanstra belichaamde vanaf het einde van de jaren veertig de Nederlandse film en hij bleef dat ruim twintig jaar ongeveer in zijn eentje doen. Hij maakte een stuk of dertig films, korte en lange documentaires en vijf lange speelfilms. Tot zijn tachtig prijzen behoren de hoogste onderscheidingen op de festivals van Cannes, Berlijn en Venetië. Ook kreeg hij een Oscar, de eerste voor een Nederlandse film, vanwege de korte opdrachtfilm Glas (1958). Haanstra was niet in Hollywood om de trofee in ontvangst te nemen; die ochtend maakte zijn zoontje hem wakker, nadat hij het nieuws op de radio had gehoord.
Ook in eigen land was Haanstra's werk gelauwerd, bewonderd en geliefd. In alle lagen van de bevolking was zijn naam synoniem met het woord 'cineast'; als een Nederlands gezin maar één keer per jaar naar de bioscoop ging, dan was het naar Fanfare of Alleman, films zonder een zweem van wuftheid, glamour of venijn.
Spiegel van Holland (1950), de eerste bekroonde korte film van Haanstra - een kunstige beeldrapsodie, waarin een ondersteboven gehouden camera consequent het Nederlandse landschap gespiegeld in het water betrapt - zou ook de verzameltitel van het oeuvre van Haanstra kunnen luiden. Toen rond 1970 niet alleen de Nederlandse filmwereld drastisch van karakter veranderde, door een stroom van jong talent die naar buitenlands voorbeeld seks en geweld in de bioscopen introduceerde, maar ook de hele samenleving begon te kantelen, raakte Haanstra snel uit de gratie. De aartsvader van de 'Hollandse school' in de documentaire, de schilder van verdwijnende klederdrachten aan de Zuiderzee (En de zee was niet meer, 1955), van Dijkbouw (1952) en Delta Phase I (1962), van dorpsfanfares en de Hollandse volksaard, vormde in een mum van tijd ook in zijn eentje de Nederlandse 'cinéma de papa'.
Dat jonge hemelbestormende filmcritici in het filmblad SKOOP de nationale filmdichter degradeerden tot beeldrijmelaar was tot daar aan toe, maar het wegblijven van het publiek bij zijn speelfilm Een pak slaag (1978) was een klap die Haanstra slecht te boven kwam. Hij kreeg een hartaanval, moest het kalmer aan doen en richtte zijn camera voornamelijk nog op de dierenwereld. Een reeks films over mensapen was een uitvloeisel van de lange bioscoopfilm Bij de beesten af (1972), zijn eigen favoriet, waarin wetenschappelijk onderbouwd het gedrag van mensen en dieren werd vergeleken. Het leek wel of Haanstra, die slecht tegen kritiek kon, de dieren aardiger was gaan vinden dan de mensen. Maar die ethologische films passen ook goed bij de educatieve rol die Haanstra altijd heeft willen spelen.
Albert Haanstra werd op 31 mei 1916 geboren in Holten en groeide op in Goor als zoon van een hoofdonderwijzer, die na zijn afkeuring kunstschilder werd. Ook de jonge Bert combineerde beide ambities; hij schopte het tot kwekeling, maar tekende en schilderde liever. Als kind had hij van oude spullen zelf een filmprojector in elkaar geknutseld en het beroep dat hem voor de oorlog als jongeman het dichtst bij zijn filmdroom kon brengen was dat van persfotograaf. Pas op 31-jarige leeftijd hield hij voor het eerst een filmcamera vast en hij debuteerde als regisseur in 1948 met een reeks historische tableaus getiteld De Muiderkring herleeft.
De camera gaf Haanstra al snel over, eerst aan Prosper Dekeukeleire en later aan Anton van Munster, maar hij is altijd een perfectionistische knutselaar gebleven, die alle aspecten van het filmmaken volledig onder controle hield. De eerste blijken van zijn inventiviteit waren behalve Spiegel van Holland een inventieve natuurimpressie (Panta rhei, 1951) en een aantal opdrachtfilms voor Shell, waaronder zijn eerste kleurenfilm Strijd zonder einde (1955). Beeld en montage, waaronder de veelvuldige toepassing van beeldrijm, leken Haanstra meer te interesseren dan geluid; zijn films beschikten over geraffineerde geluidseffecten en lyrische muziek, maar aanvankelijk zelden over synchroon geluid en al helemaal geen dialogen. Een hoogtepunt in deze vroege, ambachtelijke periode was Rembrandt, schilder van de mens (1957), waarin een groot aantal zelfportretten van Rembrandt kunstig in elkaar overvloeien tot een versneld afgedraaide levensloop.
Was Haanstra tot die tijd het best te vergelijken met die lievelingsonderwijzer die zo spannend en beeldend vertellen kon, de klassieke scène met de tegen elkaar aan botsende flessen op de lopende band in Glas maakten van de filmer een humorist. Er zijn veel van zulke scènes in Haanstra's oeuvre, visuele grappen die iedereen zich herinnert: de boven het hoog gras uit op een punter langsdrijvende koeien in de opening van Fanfare (1958), de verkleedstrapatsen achter handdoeken op het strand in Alleman (1963), de door de dieren meewarig aangestaarde mensen achter tralies in ZOO (1962), het jongetje dat het zwembad niet in durft in De stem van het water (1966).
Haanstra wist hoe hij een pointe moest presenteren en wat het publiek leuk zou vinden. Op een moment dat de speelfilmproductie in Nederland op het nulpunt stond - en een manifest van filmcritici aanbeval het maar nooit meer te proberen ook - debuteerde Haanstra als speelfilmregisseur (met adviezen van zijn Schotse collega Alexander Mackendrick) met de oerhollandse komedie Fanfare, nog steeds na Turks fruit de grootste hit uit de vaderlandse filmhistorie. Het logische vervolg, deels met dezelfde acteurs, heette De zaak MP (over de ontvoering van Manneken Pis, 1960) en werd zo'n flop dat Haanstra hem sindsdien nooit meer heeft willen laten zien. Die geschiedenis herhaalde zich met zijn twee niet-komische verfilmingen van scenario's van Anton Koolhaas. Dokter Pulder zaait papavers (1975) werd een aarzelend succes, Een pak slaag niet. Haanstra's laatste speelfilm, een omnibusfilm gebaseerd op Kronkels van Simon Carmiggelt (Vroeger kon je lachen, 1982), was helemaal niet slecht, maar een anachronisme. Ook deze film trok nauwelijks publiek en dat drukte Haanstra nog verder in het defensief.
De drie avondvullende bioscoopdocumentaires Alleman, De stem van het water en Bij de beesten af vormen de harde kern van Haanstra's zeer respectabele oeuvre. Ook nu nog dwingen ze steeds opnieuw bewondering af om hun uitgekiende constructie en feilloze behaagzucht. De documentaire als entertainment voor het grootst mogelijke publiek is inmiddels uitgestorven en vervangen door andere verschijningsvormen van het genre.
Het Nederland dat Haanstra bezong bestaat niet meer. Maar in die veranderde cultuur is er geen enkele filmmaker meer die dezelfde mate van affiniteit heeft met Nederland als ooit Bert Haanstra: ambachtsman, onderwijzer, beeldenschilder, nationaal cineast.
Bron: www.nrc.nl
persoonlijke voornaamwoorden / pronomina
|
Subject
|
Object
|
Possessief
|
|
|
ik |
mij/me |
mijn |
|
|
jij/je |
jou/je |
jouw |
|
|
u |
u |
uw |
|
|
hij |
hem |
zijn |
|
|
zij/ze |
haar |
haar |
|
|
wij/we |
ons |
ons |
|
|
jullie |
jullie |
jullie |
|
|
zij/ze |
ze/hen/hun* |
hun |
|
Dus:
Ik heb jou toch mijn boek gegeven?
Heb jij jouw boek dan aan hem gegeven?
Wanneer gebruik je hun en wanneer gebruik je hen?
Schrijf hun als het een meewerkend voorwerp (indirect object) zonder voorzetsel is.
Schrijf hen als het een lijdend voorwerp (direct object) is.
Schrijf hen na een voorzetsel.
Dus:
Ik geef hun een boek.
Ik geef de koffie aan hen.
Ik heb hen gisteren gezien.
Hebben ze hun boek dan aan hen gegeven?
Maar: heel veel Nederlanders maken verkeerd gebruik van hun en hen; Meestal kan je gewoon ze gebruiken.
Ik heb ze al een hele tijd niet gezien.
Heb je ze die boeken nog gegeven?
Nodig ze nog maar eens uit voor de koffie!
VASTE VOORZETSELS BIJ WERKWOORDEN
Hieronder volgt een lijst van vaak voorkomende werkwoorden met een vast voorzetsel.
|
Bron: www.collegenet.nl
De Poolse bruid – invuloefening 1
Henk is een Groningse boer _____ het moeilijk heeft _____ in zijn eentje het hoofd _____ water te houden _____ het bedrijf dat hij _____ zijn ouders heeft geërfd. Ook krijgt hij maar moeilijk leningen en kredieten _____ zijn bedrijf draaiende te houden. Plotseling rolt er een vrouw _____ leven binnen. Het is Anna, een Poolse, _____ onder valse voorwendselen _____ Nederland is gehaald en _____ de seksindustrie is beland. Zij wil Henk _____ de boerderij helpen _____ zelf haar terugkeer naar Polen te kunnen bekostigen. Ze stelt hierbij alles _____ het werk om _____ Henk te communiceren en in _____ leven binnen te dringen. Het zwoegen _____ het land wordt _____ deze film prachtig gesymboliseerd _____ woeste wolkenluchten en vergezichten over kleiakkers. Maar het is bovenal de Groningse bard Ede Staal die in zijn melancholische lied 'Ode aan het Hoge Land' de pracht en kracht _____ het Groningse land bezingt. De _____ oorsprong Algerijnse regisseur Traïdia heeft als relatieve buitenstaander een verrassende kijk _____ de Nederlandse maatschappij. _____ de subtiliteit en scherpte _____ een fileermes legt hij de karakteristieke en zwakke eigenschappen _____ Nederlanders bloot. Hij concentreert _____ hierbij met name _____ de gezichtsuitdrukkingen en mimiek, _____ veel belangrijker zijn dan de handelingen en het gesproken woord. Dat hij _____ het einde van de film een beetje krampachtig probeert _____ het verhaal een bepaalde kant _____ te duwen is _____ vergegeven. Hij heeft dan al voldoende respect afgedwongen _____ zijn subtiele film _____ begin _____ jaar verrassend winnaar was _____ de Publieksprijs _____ het Filmfestival van Rotterdam.
Bron: Filmhuis MOVIE W - 'De Wereld' 5 Mei-plein 1, Wageningen,
Henk is een Groningse boer die het moeilijk heeft om in zijn eentje _________________________ te houden op het bedrijf dat hij van zijn ouders heeft geërfd. Ook krijgt hij maar moeilijk leningen en kredieten om zijn bedrijf _________________________ te houden. Plotseling _________________________ er een vrouw zijn leven binnen. Het is Anna, een Poolse, die _________________________ naar Nederland is gehaald en in de seksindustrie is _________________________. Zij wil Henk op de boerderij helpen om zelf haar terugkeer naar Polen te kunnen _________________________. Ze _________________________ hierbij alles _________________________ om met Henk te communiceren en in zijn leven _________________________. Het zwoegen op het land wordt in deze film prachtig gesymboliseerd door woeste wolkenluchten en _________________________ over kleiakkers. Maar het is _________________________ de Groningse bard Ede Staal die in zijn melancholische lied 'Ode aan het Hoge Land' de pracht en kracht van het Groningse land bezingt. De _________________________ Algerijnse regisseur Traïdia heeft als relatieve buitenstaander een verrassende _________________________ op de Nederlandse maatschappij. Met de subtiliteit en scherpte van een fileermes _________________________ hij de karakteristieke en zwakke eigenschappen van Nederlanders _________________________. Hij concentreert zich hierbij met name op de gezichtsuitdrukkingen en _________________________, die veel belangrijker zijn dan de handelingen en het _________________________ woord. Dat hij aan het einde van de film een beetje _________________________ probeert om het verhaal een bepaalde kant op te duwen is hem _________________________. Hij heeft dan al voldoende respect _________________________ met zijn subtiele film die begin dit jaar verrassend winnaar was van de Publieksprijs op het Filmfestival van Rotterdam.
Bron: Filmhuis MOVIE W - 'De Wereld' 5 Mei-plein 1, Wageningen
Te gebruiken woorden:
afgedwongen bekostigen beland binnen te dringen bloot bovenal draaiende gesproken het hoofd boven water in het werk kijk krampachtig legt mimiek onder valse voorwendselen rolt stelt van oorsprong vergeven vergezichten
De Tweeling - invuloefening
Het ontroerende verhaal ______ een tweeling die ______ jonge leeftijd wordt gescheiden en ______ alle macht probeert ______ te vinden.
______ de dood van ______ ouders groeien de tweelingzusjes Lotte en Anna Bamberg gescheiden ______. Anna blijft ______ Duitsland en moet ______ hele leven hard werken ______ anderen. Lotte verhuist ______ een Nederlandse familie die haar ______ het eerste gezicht alle kansen biedt. Aanvankelijk missen de zussen ______ en proberen ze alles ______ weer ______ elkaar te zijn. Omstandigheden en de tijd ______ ze leven zorgen echter ______ obstakels ______ groter zijn dan de band ______ ze altijd voelen. Anna trouwt ______ een SS-officier die ______ het einde van de oorlog sneuvelt. Lottes verloofde wordt vermoord ______ Auschwitz. Vijftig jaar ______ hun laatste, pijnlijke ontmoeting probeert Anna nog één keer ______ contact ______ komen ______ haar tweelingzus.