Nederlanders kunnen snel over het internet surfen, maar straks zijn kabel en adsl niet meer voldoende en kan alleen glasvezel ons nog redden. Telecombedrijven hebben het er druk mee.

Struinen over het wereldwijde web gaat in de toekomst niet meer in tientallen kilobits (tienduizenden bits) per seconde, zoals tot voor kort, en ook niet meer in megabits, miljoenen bits, zoals nu, maar in gigabits: miljarden enen en nullen per seconde. Daar is glasvezel voor nodig; daar zijn alle deskundigen het over eens. Waar de meningen over verschillen is de vraag wannéér die glasvezel nodig is en wat tot dan toe het beste is.

De huidige techniek heeft Nederland in de mondiale toptwee gebracht met breedbandinternet via kabel en adsl. Die technologieën voldoen echter binnen één of twee jaar niet meer; ook daar lijkt eenieder het over eens. Dus moet er snel iets gebeuren om Nederland niet tot tweederangs breedbandland te laten verworden.

Drie oplossingen vechten momenteel om de gunst van het publiek en de investeerders. Het laatste is niet onbelangrijk, want er is hoe dan ook veel geld voor nodig.

Als het puur om de investering gaat, lijkt de kabel het aantrekkelijkst. Dat net heeft twee opties: één met relatief dure modems in elk huis, en een andere met slechts een stekkerdoos van een paar euro in de meterkast en wat meer apparatuur verderop in het net. Essent Kabelcom, na UPC het grootste kabelnet van Nederland, experimenteert in Boxmeer al met die tweede variant, ethernet to the home (etth) geheten. Na aanvankelijke investeringen van 400 euro per aansluiting, kon de rest van Boxmeer naar verluidt voor ongeveer 150 euro per adres worden aangesloten.

Essent heeft veel vertrouwen in etth. „We kunnen dan 100 megabit per seconde leveren. Momenteel is de gemiddelde snelheid bij onze abonnees ongeveer één megabit. Zelfs als de surfsnelheid de komende jaren elke 18 maanden blijft verdubbelen, zoals de afgelopen jaren gebeurt, dan nóg kunnen we met 100 megabit tien jaar vooruit”, aldus Peter Huizer van Essent Kabelcom.

Wie begint bij 1 en dat zeven keer verdubbelt, komt na tien jaar inderdaad keurig rond die 100 megabit uit. Maar Essent vergelijkt hier een gemiddelde met een maximum. De huidige 1 megabit per seconde wordt gevormd door abonnees die (veel) sneller en zij die veel langzamer surfen.

De 100 megabit van etth zijn een maximum, vergelijkbaar met het huidige maximum van ongeveer 20 megabit per seconde. Het gemiddelde zal bij etth dus aanmerkelijk onder die 100 blijven steken. De snelle, goedbetalende surfer wil over een paar jaar al meer dan 100 megabit. Essent houdt dan alleen langzame klanten over. Dat is toch al gaande, want met zijn 1 megabit gemiddeld scoort Essent ver onder het landelijk gemiddelde van 2,5 á 3 megabit.

Een mogelijk groter probleem zou voor Essent de financiering kunnen worden, zo waarschuwen Haagse ambtenaren in een vorige week uitgelekte notitie. Essent Kabelcom wordt overgenomen door dezelfde investeerders die eerder Multikabel en Casema kochten. Zij hebben zoveel voor die netten betaald dat er waarschijnlijk geen geld meer is voor vernieuwing van het net.

Als de oude tv-kabel dan geen echte oplossing kan of wil leveren, moet het van KPN’s net komen of van glasvezel. KPN gaat zeker zijn net moderniseren tot een zogeheten All-IP net, waarbij glasvezel naar 28.000 straatkasten wordt gelegd en alleen de laatste honderden meters nog van ouderwetse koperen telefoondraadjes zullen zijn. Dat gaat KPN 1,5 miljard kosten, maar een flink deel daarvan verdient het terug uit de verkoop van 1100 wijkcentrales die overbodig worden.

Met All-IP komt KPN echter slechts tot 40 à 50 megabit per seconde. Wie het huidige gemiddelde van 2,5 à 3 megabit voor adsl-klanten elke anderhalf jaar verdubbelt, lijkt zes jaar vooruit te kunnen. Maar dan wordt dezelfde fout gemaakt als bij Essent: 50 megabit is bij All-IP een maximum en geen gemiddelde. Wie het huidige maximum van adsl kent: 20 megabit, ziet dat All-IP al over anderhalf tot twee jaar tekort zal schieten. Dan is het nog niet eens overal aangelegd.

Daarmee is KPN’s modernisering gek genoeg toch niet bij voorbaat onzinnig. „We denken dat we er drie tot vijf jaar mee vooruit kunnen”, aldus Eelco Blok, de KPN-bestuurder die verantwoordelijk is voor het vaste net. „All-IP is echter hoe dan ook een noodzakelijk stap op weg naar een geheel verglaasd net. Het is dus geen weggegooid geld. Als blijkt dat de markt eerder om glasvezel vraagt, dan kunnen we de aanleg daarvan versnellen.”

Wil Nederland in de internetvoorhoede blijven meedoen, dan lijkt glasvezel dus op korte termijn geboden. Dat denkt in ieder geval Hans Rietkerk, mede-oprichter en directeur van BBned. Deze dochter van Telecom Italia is betrokken bij het glasvezelnet dat nu in Amsterdam wordt aangelegd. De eerste abonnees daarvan kunnen binnenkort met 100 megabit per seconde downloaden én uploaden en dat laatste is iets waar kabel en KPN al helemaal niet aan hoeven te denken. Bovendien kan de snelheid van het glasnet makkelijk nog veel verder omhoog.

Rietkerk: „Waar nog geen glasvezel ligt of spoedig wordt verwacht, rollen wij een eigen versie van KPN’s nieuwe net uit, maar in principe gaan wij helemaal voor glasvezel.” Die netten legt BBned echter niet zelf aan. Net als in Amsterdam wil het bedrijf de door anderen gebouwde glasnetten huren, waarna BBned de centrales van apparatuur voorziet en licht door de donkere glasvezels stuurt. Daarmee kan het dan datatransport verzorgen voor internetproviders, telefonie- en tv-leveranciers, zorgverleners en wie dan ook die op het glasnet iets wil aanbieden.

De zwakke schakel bij BBned lijkt het feit dat het bedrijf afhankelijk is van derden die een glasvezelnet in de grond willen leggen. Rietkerk is echter optimistisch: „Let maar op, weldra meldt zich na Amsterdam een volgende grote stad met een glasvezelnet. We zijn met investeerders uit binnen- en buitenland in gesprek. Die zien glasvezel als een goede lange-termijnbelegging.”

KPN geeft vergelijkbare signalen af. Bouwconcern Volker Wessels is tot nu toe de grote stimulator van glasnetten, maar blijkt niet de enige met zulke ideeën. Eelco Blok: „Ook andere projectontwikkelaars werken eraan. We zijn met meerdere partijen en gemeenten in gesprek.”

Volgend jaar lijkt dus het jaar van de doorbraak voor glasvezel te worden. Dat is geen jaar te vroeg. Volker Wessels kan ongeveer 250.000 adressen per jaar van een glasaansluiting voorzien. Met zeven miljoen huishoudens zou het dan 28 jaar kosten voordat ieder adres glas zou hebben. Zelfs met drie Volker Wessels tegelijk zou het nog negen jaar kosten om Nederland geheel te verglazen. Is dat erg? In Japan, tot nu toe met breedband achter Nederland komend, is inmiddels een kwart van de huizen ’verglaasd’. Zuid-Korea gaat hard die kant op en in Europa vliegen Zweden en Denemarken ons al fluitend voorbij.

Deskundigen in 1995: Slechts een paar procent gaat surfen
Voorspellen is moeilijk, vooral als het om de toekomst gaat, luidt een gezegde. Zo vroeg de Nederlandse overheid in 1994 aan ict-deskundigen te onderzoeken hoe de wereld er in 2004 uit zou zien. Internet was nog amper bekend, al had een voorganger van Internet Explorer surfen al wel eenvoudiger gemaakt. Desondanks, zo stelden de onderzoekers, zal in 2004 zelfs bij een snelle ontwikkeling slechts een paar procent een internetverbinding hebben. Halverwege 2006 had in feite 80 procent van de Nederlandse huishoudens internet.

De voortdurende verdubbeling het internetverkeer wordt wel vergeleken met een meer waarin kroos groeit. De oppervlakte bedekt door kroos verdubbelt elke week en beslaat na drie maanden een kwart van het meer. Hoe lang duurt het voordat het hele meer is bedekt? Twee weken. Het blijkt lastig het effect van verdubbelingen goed in te schatten.

Uploaden, niet downloaden dreigt hét probleem te worden
Tot nu toe was bij internet downloaden allesbepalend: we wilden veel meer bytes vanaf het web naar onze pc halen dan omgekeerd.

Dat verandert echter. Het uploaden van megabytes aan foto’s, naar een foto-site, een homepage of een fotocentrale is al normaal. Sinds kort zijn we verder gek op YouTube, de site voor eigen videofilmpjes. Die zijn nu veelal nog van matige beeldkwaliteit. Maar hdtv rukt op, ook bij consumentencamera’s. Die beelden vergen per seconde zo’n 20 megabit aan data. Ga je die uploaden via de huidige adsl- of kabelverbinding met hun 1 megabit upload, dan kost het versturen van tien minuten video je 200 minuten, ruim drie uur. Die hd-camera’s zijn de technologie van nu; weldra is er weer iets beter . . .

Meer dan downloaden kan uploaden dus dé bron van ergernis bij het internet worden. Glasvezel kent geen beperking voor uploaden: 100 megabit is geen probleem.

Hoe snel surfen we in 2016: met 100 megabit of 2,5 gigabit?
Tot nu toe verdubbelt de snelheid waarmee de gemiddelde consument thuis kan downloaden ongeveer elke 18 maanden. De gemiddelde Essent-abonnee zat deze zomer op 1 megabit per seconde (mbps), bij adsl-klanten lag dat op 2,5 tot 3 mbps. Verdubbel dat per anderhalf jaar en na tien jaar kom je bij Essent op 100 (128 na 10,5 jaar) en bij adsl op pakweg 250 mbps. Maar gemiddelden bestaan bij de gratie van hogere en lagere waarden. Wil het huidige maximum van 20 mbps gelijke tred houden, en dus ook elke 18 maanden verdubbelen, dan is over 10 jaar 2,5 gigabit nodig.

Daar schieten de kabel en het All-IP net van KPN te kort. Glasvezel daarentegen kan nu al standaard tot 10.000 mbps (10 gigabit per seconde) leveren.

Het theoretisch maximum voor glasvezel, als de bijbehorende apparatuur beschikbaar komt, is nog eens

10.000 keer zo veel.

Waar hebben we straks zo veel bits voor nodig?
De tv lijkt een enorme aanslag op de capaciteit van internet te gaan plegen. De huidige standaard vergt 2 à 3 megabit per seconde (mbps) en dvd zo’n 7 mbps. De huidige hdtv-norm (met 720 lijnen, of met 1080 lijnen maar dan een ’half’ beeld per cyclus) komt al op 20 mbps. Dat kan al niet goed over de huidige internetverbindingen. Een nieuwe codering (MPEG4) maakt er 10 à 12 mbps van. Bij snelle beeldwisselingen kan dit echter weer oplopen tot ruim 20 mbps.

In Japan, waar een kwart van de huishoudens nu glasvezel heeft, werden eind oktober al tv’s met 4320 lijnen getoond. De VN-commissie voor telecom ITU heeft voor ultra hdtv, uhdv, 4320 lijnen met 7680 beeldpunten elk afgesproken. Dat is 33 keer zo veel als onze huidige hdtv-norm, en zal 300 tot 400 megabit per seconde vergen. En dan hebben we het nog niet over 3D-tv. Ook die zit er aan te komen.