|
|
||||
|
|
||||
|
Ben ik mijn eigen oorzaak? Op 1 jan. 1944 werd ik geboren, dit was
63 jaar geleden (als het nu is 2007) en niet door mij teweeg gebracht, dus niet mijn
oorzaak. Dit bouwstuk is ontstaan na het lezen
van een boek, het boek heet: Direct heeft U het antwoord op mijn
vraag te pakken. Dus ja. Wie kent niet de situatie van een
timmerklus, vader aan het timmeren op een keukentrap met zijn vrouw en
kinderen er belangstellend omheen en die in een niet te stuiten
scheldpartij uitvalt op het moment dat de hamer zijn duim goed raakt. "Waarom staan jullie om mij heen
te niksen, leid mij niet zo af, sta mij niet zo op mijn vingers te kijken,
met jullie gezeur moet het ook wel fout gaan.” En vader kreunt van
de pijn. "Ga uit mijn buurt!" wordt geroepen. Door de boosheid wordt de schuld bij de kijkers gelegd.
Als het brave en zich van geen kwaad
bewuste kind op school blijft zitten. De volgende reactie door de ouders zou
kunnen ontstaan: “Ik zal morgen eens een gesprekje hebben met de
directeur over die onvoldoendes die jouw leraren Frans en Duits je gegeven
hebben. Die mannetjes ik heb ze nooit zo gemogen. Omdat ze iets tegen jou
hadden, hebben ze je een onvoldoende gegeven. We zullen ze wel krijgen”,
zo driftkikkert een teleurgestelde vader. Of langs de lijn op het voetbalveld hoor
de reacties van de ouders als hun kind die prachtige kans mist voor open
doel en hoe de tegenstander en de scheidsrechter het dan te verduren
krijgen. Een ander voorbeeld: Een vrouw komt er na een eindeloze
psychotherapie achter dat al haar problemen terug te voeren zijn op dat ene
feit: de verkeerde opvoeding. “Als mijn vader niet zo'n walgelijke,
fanatieke, christelijke, calvinistische fanaat was geweest, zou ik veel meer
ruimte hebben gekregen om me te ontplooien. Al mijn ellende in het hier en
nu komt, omdat hij mijn kinderziel heeft beschadigd”. Voor heel veel mensen blijkt het
dagelijks leven het tafereel te zijn van oorzaak en gevolg. Dat wat mij
overkomt moet een aanwijsbare oorzaak hebben. Als ik fatsoenlijk leef, dan denken veel
mensen, moet de oorzaak van wat mij overkomt ergens anders liggen. Als je er op gaat letten, dan zul je
ontdekken dat veel mensen zeer bedreven zijn in het aangeven van de
schuldige voor hun eigen ellende en problemen. Als
die ander maar …. Kortom, als anderen anders waren of anders hadden gehandeld, dan zou het met mij anders zijn gelopen. Als
die vrouw eens wat beter haar man zou begrijpen, dan zou die man niet aan de
drank zijn geraakt. Als
die ouders eens wat beter met hun kind om waren gegaan, dan was hun zoon
niet aan de drugs geraakt. Als, als en nog eens als. Een ding staat volgens mij wel vast:
ieder mens schijnt een bepaalde hoeveelheid ongewenste ervaringen te moeten
meemaken in zijn leven. Het gaat nooit zo, zoals wij dat zelf graag zouden
willen. Er is altijd wel iets dat ons niet lekker zit, waar we last van
hebben, dat verkeerd gaat. En als er dan iets mis gaat dan zijn we zeer
handig in het aanwijzen van de oorzaak en van de schuldige. Soms lijken we ons gelijk geheel aan
onze kant te hebben.
De bedoeling van onze wet is mensen te
beschermen tegen ongewenste handelingen. De wet is echter geen leidraad voor
een gezond, goed, bewust menselijk leven. De wet kan uitsluitend beschermen
tegen, maar biedt niets ten aanzien van een levenswijze. Wij willen oorzaken kunnen aanwijzen
voor alles wat ons overkomt en we zijn er vooral op gericht om die oorzaken
buiten ons zelf te zoeken. Of zouden wij ons moeten afvragen, dat de dingen
die ons overkomen te maken hebben met ons zelf en dat we die zelfs
oproepen. Misschien moeten we onszelf wel heel veel vragen durven stellen. Dat wat mij overkomt heeft misschien wel
altijd met mijzelf te maken, anders zou het mij niet overkomen. Alles wat
mij overkomt schijn ik als mens, te moeten meemaken. Dat wat mensen overkomt
is nooit via welke wet dan ook te regelen. Het zoeken naar oorzaak en gevolg, het
willen aanwijzen van een schuldige, is waarschijnlijk al zo oud als de mens
zelf. In de bijbel zijn hiervan vele voorbeelden te vinden. Ik geloof niet
dat alle leed dat een mens ervaart een straf van God is. De mens moet leren
omgaan en leren handelen met zijn vreugde en verdriet en zijn goddelijke
energie daarvoor gebruiken. Ik geloof dat in ieder mens die goddelijke
energie aanwezig is. Telkens zullen we de confrontatie aan moeten gaan met
ons zelf met ons eigen ik. Er staat niet voor niets boven onze
tempeldeur KEN U ZELVE Dezelfde tekst die de Apollotempel in
Griekenland sierde. De eerste wegwijzer voor de leerling vrijmetselaar, het
begin van alle wijsheid. Ook in ons rituaal van het Zomer Sint Jan wordt
gesproken over de eerst plicht van de vrijmetselaar …., de plicht jegens
zichzelf. Door in te keren in zichzelf tracht de leerling het licht
te ontdekken. En even verder in de catechismus is het antwoord op de vraag
naar de eerste plicht van de vrijmetselaar: “Mij
zelven te leren kennen”. Het KEN U ZELVE is de
uiteindelijke leidraad op de weg van ons levenspad. Christus verwoorde het als volgt: de
werken Gods moeten in de mens openbaar worden. Dus ken U zelve komt volgens
mij hiermee overeen. Als ik de oorzaak buiten mezelf leg,
dan wil ik mezelf buiten schot houden. Dan ben ik niet mijn eigen oorzaak. Ieder mens krijgt in zijn leven
mogelijkheden aangedragen om zichzelf te leren kennen, zodat de werken Gods
in hem openbaar kunnen worden.
Willen mensen niet nadenken over wat ze
zelf kunnen weten? Ontstaat er zo een wereld met steeds
minder zelfbewuste mensen of gaat het beter en neemt het bewustzijn van de
mensen toe? Als je naar het recreatiegedrag van mensen kijkt, dan is het
consumptiegericht en is de creativiteit nauwelijks meer te vinden. De mensen
laten zich graag vermaken. Zelfkennis, zelfbewustzijn, en
zelfvertrouwen…Het zal altijd vragen om stilte, want wie over voldoende
zelfkennis beschikt, hoeft niet meer van alles in de consumptieve sfeer, en
heeft genoeg aan zichzelf een partner en een aantal goede vrienden of
broeders. Om tegen jezelf te zeggen: Jezelf leren kennen heeft iets
uitdagends. Praten en denken over medemensen, situaties die buiten jezelf
liggen is makkelijker dan bij jezelf komen. We praten graag over al die zaken die
ons zelf buiten schot houden. Onze maatschappij zou meer problemen
makkelijker kunnen oplossen als we daarin een verbetering kunnen maken. KEN U ZELVE, want dan begrijp je
ook je eigen oorzaken. Laten we blijven arbeiden aan onze eigen
steen, een arbeid waar nooit een einde aan zal komen. |