|
.
Een verslag.
Op de valreep van het verstrijken van haar
voorzitterschap van de Europese Unie organiseerde
Ierland de conferentie Copyright for creativity
in the enlarged European Union. Wetenschappers,
Brusselse ambtenaren, belangenorganisaties van
makers en de industrie, allemaal verenigd op een
conferentie om te praten over de betekenis van
auteursrecht in het nieuwe Europa. Als
afgevaardigde van de Federation of Scriptwriters
in Europe was ondergetekende erbij. Het zal
niemand verbazen dat de discussie zich toespitste
op digitaal gebruik. Uiteraard bereed ieder zijn
eigen stokpaardje: de industrie meende dat het
auteursrecht een obstakel vormde voor de interne
markt, de Europese politici en ambtenaren wilden
graag het recht binnen de unie ‘harmoniseren’ en
zoveel mogelijk een vrije markt creëren waarin de
belangen van auteurs vooral door collectieve
rechtenorganisaties behartigd worden (fijn
efficiënt!), en de auteurs? Tja, die wilden graag
erkenning van hun recht als creator en een
redelijke vergoeding voor het gebruik van hun werk
en zijn fel voorstander van het behoud van
culturele diversiteit, hetgeen met verve werd
betoogd door de Ierse Feargal Sharkey, voormalig
zanger van The Undertones.
De Franse professor Pierre Sirinelli ondersteunde
de positie van de auteurs en bracht een aantal
interessante gezichtspunten te berde tegen het “auteursrecht-als-obstakel”-argument
van de industrie. Zo hield hij de industrie voor
dat het auteursrecht in feite al het resultaat is
van een compromis van makers met de industrie om
gebruik mogelijk te maken. De barriéres (hinderance)
die de industrie voelt ten aanzien van digitaal
gebruik hebben te maken met het ten onrechte te
laat onderkennen van de rechten van auteurs, maar
hebben niets van doen met het auteursrecht zelf.
Er is, zolang de ontwikkelingen op digitaal gebied
nog niet zijn uitgekristalliseerd, geen reden om
het principe van het individuele auteursrecht aan
de dijk te zetten en te vervangen door een
collectief heffingenrecht, aldus Sirinelli. Bij
iedere nieuwe vorm van exploitatie heeft het
auteursrecht een periode nodig gehad om zich “in
te stellen” op de nieuwe situatie, het bleek
echter tot nu toe steeds veerkrachtig genoeg om de
tand des tijds te doorstaan.
Terecht merkte Sirinelli op dat bij het publiek
helaas vaak het misverstand bestaat dat voor
downloaden reeds betaald is door de provider een
vergoeding te betalen voor het gebruik van het
internet. Dat is natuurlijk niet het geval.
Inmiddels is met het succes van i-Tunes aangetoond
dat het publiek op zich bereid is om te betalen
voor auteursrechten, indien de kwaliteit en
gebruiksfaciliteiten op de wensen van de consument
zijn afgestemd. - Het betoog van Sirinelli sluit
helemaal aan bij de nationale ontwikkelingen in
Nederland: Het Ivir heeft net in opdracht van het
ministerie van Justitie een onderzoek afgerond om
te onderzoeken of de positie van de auteur zou
moeten worden versterkt – daarbij is de situatie
van de auteurs in de ons omringende landen mee
gewogen. Maar dit terzijde.
Vertegenwoordigers van collectieve
rechtenorganisaties ondersteunden de wens tot
harmonisatie en de grote rol die daarbij aan hen
wordt toegedacht. Wel merkte men terecht op dat
het Verenigd Koninkrijk een ander auteursrecht
kent dan op het continent en dat dit een probleem
is. De collectieve rechtenorganisaties zagen voor
zichzelf ook een mogelijke taak bij het verdelen
van vergoedingen aan individuele auteurs voor
digitaal gebruik. Tegelijkertijd toonde men zich
geen voorstander van concurrerende collectieve
rechtenorganisaties op het gebied van tarieven.
Terwijl de Europese Unie deze onderlinge
competitie juist nastreeft.
Auteurs zijn overigens bij harmonisatie van
regelgeving rond collectieve rechtenorganisaties
niet noodzakelijkerwijs gebaat. Het is zeer
waarschijnlijk dat de slechtste
betalingsvoorwaarden (repartitie) tot
standaardnorm zullen worden verheven. Aan de
andere kant bieden sterkere collectieve
rechtenorganisaties een betere bescherming tegen
de industrie die er slechts op uit is om haar
eigen belangen te dienen.
De industrie bepleitte meer transparantie bij de
collectieve rechtenorganisaties vooral met
betrekking tot de regelgeving en totstandkoming
van tarieven.
Een ander belangrijk gespreksonderwerp was het
zogenaamde Digital Rights Management (DRM): in
hoeverre kunnen technische vernuftigheden het werk
van auteurs en hun distributeurs beschermen? Men
was het erover eens dat het belangrijk is om
dergelijke mechanismen te ontwikkelen, maar dat
DRM alleen nooit misbruik zal kunnen voorkomen.
Betaling middels heffingen op lege geluids- en
beelddragers en voor het gebruik op het internet
(al dan niet peer to peer dan wel via een
collectieve rechtenorganisatie) werd door velen
(in tegenstelling tot Sirinelli) als een goede
oplossing gezien.
Tijdens de conferentie bleek duidelijk dat de
industrie volstrekt onvoorbereid is geweest ten
aanzien van de snelheid waarmee het gebruik van
internet zich heeft ontwikkeld. In dat licht
bevreemdde het dat juist uit deze hoek steeds maar
weer het argument werd aangevoerd dat het
auteursrecht het vrije gebruik van informatie en
dergelijke zou verhinderen. Het auteursrecht is
immers veel ouder dan de elektronische snelweg en
alles wat daarbij hoort…..
Over twee dingen waren alle bezoekers het eens:
-
piraterij is uit den boze en moet te allen tijde
worden bestreden.
De nieuwe landen binnen de Unie zijn op dit moment
in Europa het walhalla voor illegale praktijken
met als absolute koploper Bulgarije. Probleem dat
deze landen tot voor kort geen wetgeving op het
gebied van intellectuele eigendom hadden zoals
vergelijkbaar met het constitutionele en
anglo-amerikaanse rechtssysteem. Slovenië heeft
overigens de introductie van nieuwe wetgeving zeer
voortvarend aangepakt en ook direct de juridische
mogelijkheden geschapen om piraterij aan te pakken.
Maar net als in het “oude” Europa is er nog steeds
een mentaliteitsverandering noodzakelijk: het
publiek begrijpt nu niet dat men in feite aan het
stelen is als men een gekopieerde CD koopt of de
nieuwste single van Moby illegaal downloadt.
-
de Verenigde Staten moet hun wet wijzigen inzake
het toestaan van het openbaarmaken van muziek en
film in hotels, bars en ander “entertainment
establishment” zonder dat daar een vergoeding voor
hoeft te worden betaald.
Artikel 110(5)b van de American Copyright act is
in flagrante strijd met alle internationale
verdragen op het gebied van het auteursrecht
waaronder WIPO. Hierdoor derven Europese auteurs
veel inkomsten, terwijl Amerikaanse auteurs wel
door collectieve rechtenorganisaties op grond van
de geldende verdragen een vergoeding krijgen
uitgekeerd voor openbaarmakingen van hun werk in
alle hierboven genoemde gelegenheden.
De goedbezochte conferentie was niet alleen
interessant maar ook nuttig om alle mogelijke
partijen eens bij elkaar aan te treffen:
deelnemers afkomstig uit de politiek en wetenschap,
industrie, ministeries en belangenorganisaties van
auteurs uit het nieuwe Europa.
De Europese Unie heeft een zeer bepalende rol op
het auteursrecht van haar lidstaten. Het is een
bemoedigend signaal dat voor deze door de Unie
georganiseerde conferentie uitdrukkelijk niet is
voorbij gegaan aan ‘creativity’, het maken. En dat
vertegenwoordigers van belangenorganisaties van
auteurs niet alleen als deelnemers maar ook als
sprekers voor de conferentie waren uitgenodigd.
Willemiek Seligmann, Directie Vereniging van
Schrijvers en Vertalers/ Coördinator Netwerk
Scenarioschrijvers |